Drie maanden zonder geld (1) – De sprong

Over geld en economie schrijf ik al langer, maar begin dit jaar besloot ik mezelf in de strijd te werpen en te gaan leven zonder geld, drie maanden lang. Deze keer: de sprong.

Het begon allemaal met een paar gedachten die ik hoorde uit de mond van Robert Vesseur. De man werkte bij een bank – de Triodos Bank nog wel – maar hoezeer hij binnen het systeem ook probeerde om te doen wat goed was, dat systéém klopte niet. Alles werd gedacht vanuit schaarste, uitgaand van de mens als calculerend, egocentrisch wezen. Maar waar geloofde hij dan wel in? In elk geval in het volgende: de mens wil ten diepste samenleven.

Vesseur besloot uit het systeem te stappen, vertelde hij bij VPRO Tegenlicht. Of eigenlijk een systeem in te stappen. ‘Een systeem dat gebaseerd is op de natuur van de mens; vrijgevig, waardevol, liefdevol en verbindend.’ Samen met zijn vrouw Petra schrijft hij hierover op de website van hun nieuwe systeem, dat de Geefeconomie ging heten. ‘Door naar die waarden en overtuigingen te leven, stroom je vanzelf weg van dat wat onnatuurlijk is. Voor ons al tien jaar geen piramide van ongelijkwaardigheid meer, geen schuld en schaamte, geen wantrouwen of angst.’

De gedachten van Vesseur raakten een snaar bij me.

Vorig jaar begon ik een jaaropleiding Permacultuur. Tijdens het kennismakingsrondje op de eerste cursusdag zei een jongedame, inmiddels een vriendin: ‘Ik wil een jaar lang zonder geld gaan leven.’ Daarvoor wilde ze werk in ambtelijke projectmanagement en consultancy opgeven. En tja, dan moest ze zelf haar eten kunnen verbouwen. Ik werd jaloers. ‘Dat wil ik ook!’ 

Een tijdje later had ik mijn vaste baan opgezegd. Inmiddels bleek ook uit een eigen onderzoekje dat het geldstelsel van de toekomst wel eens ‘dystopisch’ zou kunnen worden. Zo werd het guitige idee van een ‘jaar zonder geld’ ineens maatschappelijk relevant. Wellicht hebben we ooit een alternatief nodig voor het economische systeem. 

Wat zou er gebeuren als je geld helemaal wegdenkt? Het is een soort tussenschakel in menselijk contact, een intermediair in wederzijdse relaties tussen ‘klanten’, ‘opdrachtgevers’, ‘producenten’ en ‘cliënten’. En toch zijn we er allemaal aan gehecht. Ik sprak met enkele mensen die het gewoon achterwege lieten. Een twintiger die haar creditcard doorknipte en ging reizen, jarenlang. Robbert Vesseur, met wie ik lange e-mailwisselingen had. 

Hijzelf had gehoopt een groep mensen te kunnen verzamelen die allemaal de sprong in het diepe durfden te maken. Dat werkte niet. ‘Uiteindelijk bedacht ik dat iemand gewoon de wereld in moest lopen zonder huis, zonder spullen en laten zien dat er overvloed is op de wereld.’ Dus probeerde hij het zelf. Dat was ‘doodeng, letterlijk doodeng’. 

Voor mij was het minder doodeng: ik reisde met een vooraf gehuurde fietscaravan door mijn eigen regio in het westen van Brabant, kon bij vrienden terecht, had iedere maandag een ‘cheatdag’ waarin ik wel online was en kon altijd bij vrienden terecht. 

Toch was die ‘sprong in het diepe-light’ een fantastische belevenis. Het was een tijd ook waar ik, diep van binnen, naar blijf verlangen. Een sterk intuïtief gevoel zegt: ik wil terug! Nee, makkelijk was het niet. Ja, ik had soms honger. Maar het construct was extatisch: je kwam iedere dag door met daden van naastenliefde, van geven en ontvangen, van helpen en geholpen worden, van liefhebben en liefgehad worden. Iedere dag. 

Dus ik ging op pad en kreeg op dag één mijn sterkste, belangrijkste en meest verbluffende ervaring – en niet maatschappelijk of economisch, wat ik verwachtte, maar spiritueel, iets wat nooit onderdeel was geweest van mijn denken over geld. Sinds het project heb ik een hartgrondig vertrouwen in de toekomst gekregen. Het is iets dat ik mijn naasten, en eigenlijk iedereen zou toewensen. Vandaar deze serie korte blogs. In deel #2 beschrijf ik de eerste dag. 


Jannes woonde in een tent, maar dat mocht niet van de politie. Hij is journalist en schrijft voor o.a. Follow the Money. Zijn nieuwsgierigheid brengt hem soms in zeven sloten te gelijk.